Country of Contrasts 
Het is december en mijn laatste dagen hier beginnen te naderen. Op mijn laatste weekend in Jappineh samen met de hoofdverpleegkundige Ansumana een bushtaxi ingestapt om dat deel wat verder up-river ligt te bekijken. Langs het oudste plaatsje Janjanbureh en de stone circles van Wassau.



Overnachten in een ‘guesthouse’ waar de douche een emmer water is en de wc een gat in de grond: het échte Gambia. Vroeg in de morgen kilometers door moerasachtig landschap lopen naar een klein plaatsje waar een bootje ons meeneemt de rivier op. We varen langs de mooiste gewassen en zien prachtige vogels en daar verderop… een groep nijlpaarden! Helaas lieten de chimpansees zich die ochtend niet zien. Later op de dag naar Farafenni op bezoek bij Ansu’s second wife (ze mogen er hier in Gambia wel víer hebben) en speciaal voor onze komst slacht ze een kip.



Mijn laatste dag in Jappineh. Kira (de Engelse fundraisster van de kliniek) komt me met drie andere tubabs (blanken) ophalen. Het hele dorp komt langs op afscheid te nemen en er worden diverse speeches gehouden. Ik wordt overspoeld met cadeaus: pinda’s, gemalen pinda’s en pindakaas. Ook wordt er een certificaat uitgereikt dat ik nu officieel inwoner ben van dit schattige dorpje. Er wordt gedanst op zijn Afrikaans en de jerrycans functioneren als trommels.



Terug naar de kust om Sander in zes dagen Gambia te laten zien en mijn laatste weekje logeer ik bij Kira in haar compound. Om een beetje bij te komen van mijn up-country avonturen gaan we elke avond uit eten en neem ik af en toe een duik in het privé-zwembad. En om helemaal te ontspannen gaan we een dagje zonnen op een boot met ook een masseur en pedicure aan boord. Kan ik toch nog een beetje voor de dag komen met de kerst…

[ add comment ] ( 4 views )
Een echte Gambiaanse 
Ruim twee maanden in Afrika en nog steeds ben ik zo bleek dat het net lijkt alsof ik vorige week uit het vliegtuig ben gestapt. Toch begin ik steeds meer een Gambiaanse te worden. Ik slaap onder een dekbed, want wat is die nachtelijke 25 graden toch koud;) en met mijn Afrikaanse jurken doe ik al goed mee met de ‘wie heeft de mooiste jurk’-contest onder de vrouwen. Nog even en ik zet ook mijn tas op mijn hoofd…



Voor het grote feest Tobaski heel even terug naar mijn Gambiaanse familie in Banjul. ’s Ochtends na de gebeden worden de rammen (wel acht stuks!) geslacht. Natuurlijk Halal, dus het wordt een groot bloedbad.



Een uur laten komen de eerste stukken vlees al van de barbecue. Andere stukken nog rauw vlees worden in zakjes gepakt en aan de minder bedeelde compounds in de omgeving gegeven. En de rest van de dag, tja, zit je met je dure jurk wat op een krukje tussen het opgedroogde bloed. Tobaski dag twee betekent een duik in de zee en naar een concert van een Gambianse artist Jalli Bah.



Weer terug up-country wordt, na drie weken de huisrat getolereerd te hebben, dan toch eindelijk de jacht geopend. En het bleek er niet één, maar twéé te zijn. Gelukkig is mijn kamertje nu rattenvrij. Maar gezien het gat, dat ten koste van mijn nachtrust, in de deur is geknaagd, zal dat niet lang zo blijven…
Het dieet van rijst, pinda’s en af en toe een banaan zorgt ervoor dat ik een aardig gebrek aan vitaminen ontwikkel. Op zoek naar groenten dus, maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Na de hele markt van de stad 15 km verder op afgestruind te hebben is de vangst: drie cherrytomaatjes…

Ondanks dat het overdag erg druk is in het ziekenhuis besluit ik met assistentie van een van de verpleegkundigen het dorp in te gaan voor gratis consulten. Een consult in het ziekenhuis is maar 50 eurocent, toch schijnen er patiënten te zijn die wel zorg nodig hebben en dit niet kunnen betalen. Zo ook een mijnheer met enkeloedeem tot zijn knieën, de longen tot aan de longtoppen vol met vocht en anderhalve liter acites in de buik die ik in het ziekenhuis maar even heb afgetapt. Deze mijnheer zat al twee jaar op zijn stoel, omdat hij te kortademig was om iets te ondernemen, rustig op zijn einde te wachten. Dan is het toch mooi om te zien dat hij na een weekje diuretica slikken weer vrolijk rondloopt.

[ 4 comments ] ( 23 views )
Up-country 
Nu bijna twee weken up-country (cq rimboe) en het valt gelukkig allemaal best mee. Er is elektriciteit (dmv solar) en stromend water, hoewel je je daar niet te veel van moet voorstellen. Een half uur wachten tot dat er water uit de kraan komt is niet heel ongebruikelijk. Ik slaap in een klein kamertje met alleen vier betonnen muren, iets wat op een bed lijkt en mijn nieuwe huisdier, de rat. Ik moet erg wennen aan alle dieren hier, van levensgrote torren en sprinkhanen tot stekende mieren en vlooien in het matras. Leven de insectenspray! Maar soms zijn dieren ook praktisch. Omdat niemand hier een auto heeft, gaan we als uitje maar met de donkeycar naar de riverside, een hele belevenis!





Elke ochtend zit er een hele rij patiënten op mij te wachten. Het gros heeft malaria, maar ook hypertensie en luchtweginfecties zijn aan de orde van de dag. Ik probeer het antibioticabeleid een beetje in te perken. Voor een gewone verkoudheid worden namelijk al antibiotica voorgeschreven. De werktijden zijn heel anders dan in het RVTH. Hier heb je 24/7 dienst. De patiënten komen ook ’s avonds, zelfs ’s nachts wordt er op je deur geklopt en een weekend kennen ze niet. Maar als er even geen patiënten zijn, relaxen we met zijn allen op een matje onder de grote boom op het terrein.



Er komen steeds kinderen binnenlopen. Sommigen om hun telefoon op te laden. Wij hebben als enigen van het dorp elektriciteit en daar wil iedereen dan ook graag gebruik van maken. Andere komen met bakken rijst op hun hoofd voor ontbijt, lunch of avondeten. Ja inderdaad, zelfs voor ontbijt wordt er rijst gegeten en soms, voor de afwisseling, is er… pap. Gelukkig ben ik vriendjes geworden met de plaatselijke bakker en wordt er elke ochtend brood gebracht. Wat kan je daar toch blij mee zijn, droog brood.

Dit weekend is iedereen zich aan het voorbereiden op het grootste feest van het jaar: Tobaski. De mannen kopen een ram op de markt en vervoeren die boven op het public transport naar hun compound. De vrouwen laten de mooiste jurken maken en zitten een paar uur stil voor een nieuw kapsel. En plotseling is er niemand meer ziek...

[ 4 comments ] ( 33 views )
Laatste week Banjul 
Na twee weken meer dode dan levende kinderen geboren zien worden, heb ik afgelopen week (mijn laatste week in het RVTH) chirurgische patiënten op de spoedeisende hulp gezien. Van blaasretentie tot collesfractuur en kinderen die muntstukken opeten: je komt het kennelijk overal in de wereld tegen. Aan het einde van de ochtend komt er een patiënt binnen met een zwaar opgezette buik en op de röntgenfoto een uitgezette dikke darm van 20 cm in diameter! Darmobstructie of ileus, deze mijnheer moet geopereerd worden. De chirurgen kijken het liever aan (conservatief beleid) met maagsonde en vochtinfuus. Pas in de avond beseft de chirurg dat een zakje water inderdaad de darm niet uit de knoop haalt; de patiënt gaat op tafel en ik mag assisteren. Als ik de volgende ochtend op de SEH verschijn hoor ik een van de chirurgen zeggen dat de patiënt van gisteren met de volvulus (knoop in darm) is overleden en waarom er niet geopereerd is… Hè? Hij is geopereerd, ik was er zelf bij! Ik loop naar de afdeling op zoek naar de patiënt. Helemaal achterin ligt hij rustig in bed en maakt het goed. Wat een opluchting! Goed overdragen is hier kennelijk ook een vak…



Een van de dingen die me opvalt, is dat hier in Banjul en omstreken eigenlijk geen ondergewicht is. Eerder eigenlijk het tegenovergestelde. Zou het komen door de liters mayonaise die er per dag doorheen gaan of de groene thee die 50/50 met suiker wordt gedronken? En als er íets is dat de Gambianen niet willen is dat ik afval. ‘Add more, add more, add more!’ Ik kan het al bijna niet meer aanhoren. Of ‘Aisha eat, Aisha eat!’ als je twee seconden geen hap hebt genomen. Aisha dat is mijn Gambiaanse naam, Aisha Bah.

Gisteren was mijn laatste avond in Banjul, reden voor een kleine afscheidsborrel. Het liefst op zijn Afrikaans, dus de organisatie maar uithanden gegeven. En dan loopt het natuurlijk altijd anders dan verwacht. Wat bedoeld was als kleine borrel voor een paar mensen draaide uit op een heuse charity-party met eten en drinken voor alle kinderen uit de buurt.

Vandaag vertrek ik up-country: geen elektriciteit, geen stromend water en alleen maar rijst….

[ add comment ] ( 2 views )
IUVD 
Na twee weken spoedeisende hulp begon ik deze week op de Obstetrie en Gynaecologie. Op de verloskamers liggen meestal maar twee of drie vrouwen en het grootste gedeelte daarvan gaat voor CS (sectio caesare). Dit is, gezien dit het enige referal hospital is, niet heel verbazingwekkend. Maar als er dan een spoed CS is, heeft niemand echt haast. De patiënt ligt al op tafel, maar het instrumentarium is nog niet steriel…. Er wordt rustig een half uur gewacht en als alles gereed is de gynaecoloog weer weg… Uiteindelijk een floppy infant met slechte start. Bij het hechten van de buik valt plotseling de electriciteit uit. Een van de verleegkundige pakt haar mobieltje erbij om de chirurg bij te lichten. En als er een vlieg op het operatiekleed land kijkt niemand vreemt op.

‘s Ochtends bij de overdracht is er wat commotie. De assistent is op de verloskamer en een supervisor wordt erbij geroepen. Ik krijg niet helemaal mee waar het over gaat. Als de overdracht voorbij is loop ik met een van de gynaecologen naar de VK en achter een gordijntje ligt een vrouw met het lichaam van het kind er al uit, maar het hoofd zit nog vast in het bekken. Een gecompliceerde stuitbevalling. De gynaecoloog probeert het hoofd vrij te krijgen. Er wordt wel een half uur getrokken en geduwd, uiteindelijk resulterend in het lichaam van het kind los in de handen van de gynaecoloog en het hoofd nog steeds vast in het bekken… Het lichaampje belandt op de grond en de gynaecoloog gaat weer verder met nu alleen het hoofdje uit het bekken te verwijderen. Na nog eens een kwartier en uiteindelijke door middel van forcipale extractie komt het hoofd eruit. Op de grond ligt nu een lichaampje en ernaast het hoofdje van een baby tussen veel bloed. Walgelijk! Ik kan het niet meer aan zien en loop weg. Ik ga op een krukje onder een ventilator zitten. De gynaecoloog komt aanlopen en zegt dat ik bleek zie en vraagt of ik geschokt ben. Een open deur… “Well get used to it, this happens more offten in the Gambia” De doodsverklaring wordt geschreven. Doodsoorzaak: IUVD (intra uterine vruchtdood)….




[ 2 comments ] ( 20 views )
Busses and bushtaxi’s 
Het heeft me twee weken gekost de wijze waarop Gambianen zich vervoeren een beetje onder de knie te krijgen. Elke rit is weer een belevenis. Je kunt natuurlijk ook elke keer een taxi nemen, maar dan kost de heen en terug rit je het dubbele van het avondeten in een restaurant; voor een arme student dus niet te veroorloven. Daarom maar op de Gambiaanse manier: je gaat aan de kant van de weg staan en houdt je hand op. Je moet alleen wel precies weten waar je moet staan en waar je naartoe wilt. Er zijn busjes (voor 15-20 personen) die tussen bepaalde punten heen en weer rijden. Er passeren veel volle busjes, soms moet je wel een kwartier wachten op een plekje. Een busje stopt, de schuifdeur gaat open en er springt een jongen uit. Je zegt waar je naar toe wilt en stapt in. Hutje mutje met de andere mensen cross je over de 20 jaar geleden geasfalteerde weg, met dus veel kuilen en gaten. Maar lang duurt het niet voor de eerste persoon er al weer uit wil, haltes zijn er niet dus je moet roepen als je wilt uitstappen. De persoon is nog niet uitgestapt of de jongen slaat op de bovenkant van de auto (wat betekent dat de chauffeur weer moet rijden) en springt in de al rijdende auto en schuift de deur dicht. Dit tafereel herhaalt zich elke 50 meter…

De shared taxi werkt volgens hetzelfde principe. Je zit dan met anderen in een auto die tien jaar geleden niet eens de APK keuring zou zijn doorgekomen. Je moet daarom ook niet gek opkijken als halverwege de rook onder de klep vandaan komt en je tien minuten aan de kant van de weg staat tot dat de driver het probleem provisorisch heeft opgelost. Om het land veiliger te maken heeft de regering bedacht overal politiecontroles neer te zetten. Miniaal twee keer per rit wordt je staande gehouden en wordt er door politie of soldaten met een zaklamp gecontroleerd of er geen illegale spullen aan boord zijn. Soms worden ook paspoorten en rijbewijzen gecontroleerd. Als blijkt dat die van de chauffeur verlopen is, worden we aan de kant gezet en pakken ik en de anderen gewoon een andere taxi om de weg te vervolgen. Om het nog ingewikkelder te maken moet je, om te komen waar je wilt zijn, met dit systeem meestal wel drie keer overstappen. Je kunt dus begrijpen dat je er ruim de tijd voor moet nemen om ergens te komen.

In de A/E (accidents and emergencies) ging het er deze week ook heftig aan toe. Er werd een patiënt met een hyperglycemie vanuit een streekziekenhuis binnengebracht. Ze hadden hem daar een catheter gegeven, maar bij inspectie was de zak leeg en de blaas vol. Bij verwijderen van de catheter werd het een groot bloedbad; ze hadden de ballon te vroeg opgeblazen en de ureter getraumatiseerd. Een noodcystostomie werd noodzakelijk en werd door mij eigenhandig uitgevoerd! De patient werd in stabiele toestand naar de afdeling gebracht. De volgende ochtend hoorde ik in de overdracht dat de patiënt was overleden, doodsoorzaak onbekend.

In het weekend in een bootje over een rivier en door mangroven gevaren. En na zeven uur stil zitten ben ik ook 164 vlechtjes rijker:)



Klik hier voor een uitgebreid fotoverslag!

[ 4 comments ] ( 39 views )
Het Royal Victoria Teaching Hospital 
Na mijn eerste week in The Gambia begint het leven hier steeds meer te wennen. De hitte, de elektriciteit die continue uitvalt, het eten en zelfs het koude water uit de douche.

De mensen in Banjul kennen me nu ook. Als ik over straat loop hoor ik steeds ‘hey elisabeth’, zo noemen ze mij hier. Soms zelfs Queen Elisabeth (Gambia is een engelse kolonie red.). En overal kom je iedereen tegen, het is een kleine stad waar iedereen elkaar kent. De ‘bombsters’ (een soort proppers die achter je geld of ‘andere dingen’ aan zijn) beginnen me ook met rust te laten.

Na een week werken in het Royal Victoria Teaching Hospital zie ik veel verschillen, maar ook overeenkomsten. De overdracht begint hier om negen uur, echt relaxed, en is in de kamer waar de dienstdokter slaapt. Er zijn te weinig stoelen, dus de studenten moeten staan. Na de overdracht gaat iedereen rustig zijn ontbijt halen, waardoor de visites op de wards niet voor tienen beginnen. En wat het meest bizarre is, de dienstdoende begint hier al om twee uur en vrijdags zelfs om twaalf! De dokters moeten officieel tot vier blijven, maar gaan allemaal naar huis als de dienst ingaat. De dienstdoende is dan alleen tot de volgende ochtend, een zware dienst dus. Ik ga maar met de dienstdoende mee naar de spoedeisende hulp om patiënten te zien, die blijven namelijk wel komen als alle dokters naar huis zijn. De ruzies tussen artsen en verpleegkundige en tussen artsen ondering over het verdelen van de dienst van een collega die ziek is komt bekend ter oren.



De studie geneeskunde duurt hier 7 jaar. Hierin krijgen ze college maar ook bedsite teaching in het ziekenhuis. Na hun studie moeten ze verplicht twee jaar in dit ziekenhuis werken. Deze jaren bestaan uit 6 mnd medical (interne, neuro, psych), 6 mnd chirurgie, 6 mnd kinderen en 6 mnd obsteatrie en gynaecologie. Een soort co-schapen dus, alleen het verschil is dat ze echt dokter zijn met alle verantwoordelijkheden van dien en betaald krijgen. Maar betalen doet het geneeskunde vak hier niet veel: 120 pound per maand en 70 voor de diensten. Als ze na negen jaar dan eindelijk op vrije voeten staat, vertrekt iedereen naar het buitenland. Daar krijgen ze namelijk meer betaald of om een specialisatie te kunnen doen, wat hier namelijk niet kan. Om het artsen te kort op te vangen worden Cubaanse artsen geïmporteerd. Zij werken dan twee jaar in Gambia voor 200 dollar per maand met gratis huisvestiging. Ze krijgen dus minder betaald dan de Gambiaanse dokters, maar voor hun is het een hot-deal, gezien ze in Cuba maar 100 dollar per maand verdienen.

In het weekend wat tijd om de omgeving te ontdekken. Dus naar het monkey park en crocodil pool of relaxed een drankje drinken op het strand…


[ 4 comments ] ( 43 views )
Eerste dagen... 
Eindelijk heb ik dan na vier dagen een plaats met functionerend internet gevonden! De electriciteit werkt pas vanaf 19.00 en dan zijn de internet cafe's alweer dicht... Maar ik ben goed aangekomen en heb de eerste dagen al veel van het Gambiaanse mogen mee maken.

Vrijdag bleek op Schiphol mijn vlucht al een uur vertraging te hebben. Met maar een uur transfertijd op Cassablanca lijkt het dat ik mijn overstap onmogelijk ga halen, maar na een sprintje trekken blijkt iedereen nog rustig te wachten op de vlucht naar Banjul…



Bij aankomst door de douane waar ze mijn paspoort innemen; ik moet mij melden bij de ‘immigration office’. Maar eerst mag ik mijn bagage halen, gelukkig heeft die de transfer ook gehaald. Wanneer mijn tassen door de x-ray gaan, willen ze de inhoud zien. Niet heel gek als je 15 kilo aan medical equitment bij je hebt. Bij het openen van de tassen laat ik de douane brief van het EMC zien en zet mijn liefste lach op. Gelukkig laten ze me door en hoeven mijn tassen niet helemaal omgekeerd te worden in een achteraf kamertje. Kira Dalton staat op mij te wachten en met haar ga ik naar de immigration office. Wel een uur moeten we wachten tot een vrouw met mijn paspoort binnenkomt. Blijven lachen. Er worden vragen gesteld en Kira bevestigt mijn antwoorden. Blijven lachen. Ze eindigt met ‘I hope you find a nice gambian husband’ en oppert een van de douane officieren. Blijven lachen.

Op weg naar het huis van Kira worden we aangehouden door politieagenten die in de nacht een zakcentje proberen bij te verdienen. We krijgen een boete voor het vervoeren van tassen in de auto… Gelukkig weet Kira, gezien ze al 12 jaar in Gambia woont, hoe dit aan te pakken en mogen we na enkele minuten gewoon doorrijden.

In Brufut heeft Kira haar compound met twee hulpjes die alles voor haar regelen. Ze is bekend in het dorp en alle zieken komen bij haar aankloppen. Zo ook een vrouw met haar kind dat grote brandblaren op been en genitaliën heeft.

Zondagochtend wordt ik naar Banjul gebracht. De eerste week verblijf ik en het Carlton hotel dat op loop afstand is van de Royal Victoria Teaching Hospital. De kamer heeft een bed en daar is werkelijk alles mee gezegd. Geen muskieten net, geen wc papier, geen handdoeken en koud water uit de douche. Als ook blijkt dat de elektriciteit tijdelijk uitgevallen is, besluit ik maar een wandeling te gaan maken over het strand. Er komen één voor één ‘bomsters’ naar mij toe. Wanneer het lukt de een af te wimpelen komt de volgende alweer. Je bent werkelijk nooit alleen.

Maandagochtend opgestaan voor de eerste dag in het RVTH. Ik wist niet hoelaat ik precies aanwezig moest zijn. Ik stelde mezelf het doel er om 8 uur te zijn, maar dit werd kwart voor negen. Heerlijk dat in Gambia dat allemaal kan. Ik ontmoet Samba Bah de Elective coördinator en krijg van het hoofd beveiliging een twee uur durende rondleiding door het gehele complex. De rest van de dag vrij, een relaxed begin….

[ 6 comments ] ( 81 views )

| 1 |